zondag 28 oktober 2012

Een Kantje Op Zijn Boord -- zomaar een gedicht 3 --







Een plekje op de aarde
voor jou en mij alleen
telt ieder in zijn waarde
en ik wil er altijd heen



Door kou en bange dagen
zoek ik naar de lange paden
zonder dat ik iets kan vragen
en ook niet in weelde baden


Geestig is het een sleutelwoord
van luchtigheid en het gemak
want wie stapt er toch aan boord
van een krakend zinkend wrak


De glorie van de morgenstond
is niet van lange duur
neemt veel water in de mond
en smaakt een beetje zuur


Als de klippen overspoelen
met het schuim van de ondergang
dat vind je niet onder stoelen
of zandbanken van het belang.


De glorie is allang vergaan
de boete is een stoffig kleed
en niemand trekt het aan
dan is de tafel nooit gereed


Wat zit je nu te plagen
wie neem je op de korrel
en waarom durf je niet te vragen
om water zonder een borrel


Toch moet je ernaar toe gaan
en zachtjes kunnen genieten
door een glimlach en een traan
dat kan je niet laten schieten


Voor elke woestijn zijn kameel
en elke torenkamer een prinses
wie bezit er nog een kasteel
en springt voor haar op de bres


Een heilige op het witte paard
met een kantje aan zijn boord
vind het toch de moeite waard
de gebeden zijn dan toch verhoord











Geen opmerkingen:

Een reactie posten